401 - VOETBAL - jeugdlicentie - vereisten inzake medische begeleiding – de prestaties van de administratief verantwoordelijke - nieuwe stukken voor het BAS.
De club verbond zich bij de licentieaanvraag in 2024 om te voldoen aan de vereisten inzake medische begeleiding voor het seizoen 2025-2026. De club diende bij aanvraag van de jeugdlicentie een duidelijk organigram voor te leggen, waarop alle personen die actief zijn in de Elite jeugdwerking vermeld staan met hun bijhorende functie. Personen inzake medische begeleiding voor wie de door betrokkene ondertekende volledige arbeidsovereenkomst of de dienstverleningsovereenkomst niet wordt voorgelegd, komen niet in aanmerking. Er werd volgens het college geen geldige ondertekende overeenkomst voorgelegd, enkel een eenzijdige verklaring van de club. Uit onderzoek blijkt volgens het arbitragecollege dat de overgelegde documenten door de club niet waarheidsgetrouw zijn.
Aan de minimumcriteria voor de prestaties van de administratief verantwoordelijke voor de jeugdopleiding (‘AVJO’) is volgens het college ook niet voldaan. De prestaties werden niet aanvaard gezien de betrokkene niet vermeld werd op de initiële organigrammen en er werden ook geen facturen en betalingsbewijzen van de prestaties voorgelegd in de procedure bij het Auditoraat.
Het collegestelde dat het jeugdlicentiereglement voorziet dat geen nieuwe stukken mogen worden neergelegd, gezien deze overeenkomst de club bindt stelde het college dat voor het BAS geen nieuwe stukken mogen worden voorgelegd.
Het college oordeelde dat de club niet voldoet aan de minimumcriteria inzake medische begeleiding en de administratief verantwoordelijken voor de jeugdopleiding.
Het beroep werd verworpen.